WAAROM IS DE GEZONDHEIDSZORG ZO ZIEK?

 

HOME

 

HET injectiepreparaat Vasolastine DAT IN DEZE BROCHURE VERMELD WORDT is nu vervangen door het oraal in te nemen preparaat Vasolastica.

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------

DE PATIËNTENVERENIGING ENZYMTHERAPIE

HEEFT EEN ANALYSE VAN DE GEZONDHEIDS ZORG GEMAAKT UIT OPRECHTE BEZORGDHEID OVER HET LOT VAN DE PATIËNTEN.

UIT ONZE 28 JAAR ERVARING MET DE ENZYMTHERAPIE WETEN WE DAT HET ANDERS EN VEEL BETER KAN.

   

DAAROM GEVEN WIJ ADVIEZEN EN SUGGESTIES

VOOR EEN ANDERE EN BETERE AANPAK DIE OOK

NOG GROTE BESPARINGEN KAN OPLEVEREN.

(Klik hier voor het bestellen van een brochure over dit onderwerp.)

------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 

 

Waarom wordt de gezondheidszorg steeds duurder.en moet de burger steeds meer betalen voor steeds minder? Dat is de vraag die elke Nederlander tegenwoordig bezighoudt.

Hoe is de gezondheidszorg in ons land (en wereldwijd) in deze negatieve spiraal terecht gekomen?

Het antwoord is eigenlijk heel simpel. Ziekte is een miljardenhandel en aan gezondheid valt geen droog brood te verdienen.

 

De enige die belang heeft bij een goedkopere gezondheidszorg is de patiënt, maar helaas kan die geen invloed uitoefenen op de systemen zoals die door de overheid en de gezondheidszorg zijn afgesproken en opgezet.

 

De patiënt is dus het kind van de rekening. Hij moet het steeds duurder wordend gezondheidszorgsysteem in stand houden door steeds meer te betalen, direct door de steeds hoger wordende premies en indirect door het meebetalen via de belastingen aan het geld dat de overheid in de gezondheidszorg pompt.

 

De reguliere gezondheidszorg is een uitgebreid en ingewikkeld netwerk van vele belanghebbenden. De eindverantwoordelijkheid berust bij het Ministerie van Volksge- zondheid.

 

Belangrijke partijen in de gezondheidszorg die samen het beleid maken zijn: de overheid, de artsen, verdeeld in huisartsen en specialisten, de ziekenhuizen, de farmaceutische industrie, de medische technologie en de verzekeraars.

 

In totaal zijn 1 miljoen mensen werkzaam in de gezondheidszorg. Het is een bedrijfstak waarin nu jaarlijks 44 miljard omgaat. 

 

 

DE OVERHEID

 

Het ministerie van Volksgezondheid is verantwoordelijk voor de volksgezondheid in Nederland en speelt de belangrijkste rol in het beleid. Zij kunnen door wetgeving en afspraken met verschillende onderdelen van het systeem een grote invloed uitoefenen op de gezondheidszorg en dat doen ze dan ook.

 

Zij maken afspraken met de farmaceutische industrie, de medische technologie, de artsen, de ziekenhuizen en de verzekeraars

 

Op het Ministerie van Volksgezondheid zit om de paar jaar een andere minister  Elke minister heeft zo zijn eigen aanpak en is niet verantwoordelijk voor het beleid van zijn voorganger. Er worden steeds nieuwe pogingen gedaan om de ongebreidelde groei van de gezondheidszorg af te remmen.  Men probeert het met budgettering en privatisering, er zijn al miljarden uitgegeven  om de wachtlijsten aan te pakken, nu is het motto weer commercialisering van de zorg en marktwerking, maar nog steeds is het niet gelukt om tot een betere en goedkopere zorg te komen. De burger moet steeds meer betalen voor steeds minder.

 

Door een overvloed aan regels en een verregaande bureaucratie is de gezondheidszorg een bijna onbestuurbaar instituut geworden.

Er is een grote verstrengeling van belangen in de gezondheidszorg. Farmaceutische industrie en technologie lobbyen bij overheid en politiek om voorrang te krijgen voor hun belangen.

 

 

DE FARMACEUTISCHE INDUSTRIE

 

Zij hebben, wat geneesmiddelen betreft, een monopolie veroverd. Maar farmaceutische fabrieken zijn nu eenmaal geen filantropische instellingen  Het enige wat bij hen telt zijn omzetten en winstpercentages. Het zijn meestal wereldwijd opererende concerns die miljardenomzetten hebben.

 

Ze bewerken de “markt” door bij de artsen hun middelen te laten aanprijzen door artsenbezoekers. Bekend is dat zij met geven van cadeaus en bonussen artsen proberen over te halen hun producten voor te schrijven. 

Ook lobbyen zij frequent bij voor hen belangrijke organen, zoals Ministerie, Tweede Kamer en de Europese Unie. Ze willen het nu zelfs voor elkaar krijgen dat hoog gedoseerde vitamine preparaten

(zonder schadelijke bijwerkingen) niet meer vrij verkocht mogen worden in Europa. In Amerika is deze poging niet gelukt, en bij de EU loopt nu een procedure tegen deze voorgenomen maatregelen.

 

Het registratiesysteem.

 

Een belangrijk middel waarmee de farmaceutische fabrieken hun machtspositie handhaven is het registratiesysteem van geneesmiddelen. Eer een geneesmiddel kan worden geregistreerd, dus goedgekeurd voor gebruik, moeten vele miljoenen worden uitgegeven aan onderzoek. Eerst komen de dierproeven, daarna gaat men nieuwe geneesmiddelen uitproberen op mensen die zich daarvoor vrijwillig beschikbaar stellen.

 

Patiënten zijn maar al te graag bereid om mee te werken aan een onderzoek naar een nieuw medicijn dat misschien gebruikt kan worden bij hun ziekte. Zo wordt gebruik gemaakt van problemen van mensen om hen te paaien voor een onderzoek.

Dat het meestal gaat om een variatie op een bestaand middel, vertelt de dokter er niet bij.

Voor zo’n onderzoek zijn niet een paar mensen nodig maar dikwijls honderden, soms zelfs duizenden. En steeds moet er gerapporteerd worden. 

De specialisten die de onderzoeken doen, worden daarvoor dik betaald door de fabrikant die het nieuwe geneesmiddel graag op de markt wil brengen.

 

Je zou denken dat een geneesmiddelenfabrikant voor hij een geneesmiddel kan laten registreren, moet bewijzen dat het middel genezend werkt. Dat is niet zo. Er hoeft alleen bewezen te worden dat de werking van het middel de bijwerkingen rechtvaardigt.

Dat is natuurlijk een rekbaar begrip dat op verschillende manieren gehanteerd kan worden. Denk bijvoorbeeld aan de forse bijwerkingen van cytostatica (kankermedicijnen).

Dan is her nog het feit dat niet moet worden bewezen dat een middel werkt, maar HOE het middel werkt, d.w.z. op welke systemen in het lichaam invloed wordt uitgeoefend.

Dat kan alleen als je één stof kunt isoleren waarvan je aantoont op welke plek in het lichaam deze aangrijpt en zijn werking ontplooit

Omdat natuurlijke middelen doorgaans uit meerdere werkzame stoffen bestaan, is het niet mogelijk om op deze manier bewijs te leveren.

Zo houdt de farmaceutische industrie de introductie van natuurlijke middelen van de markt en dat is natuurlijk precies de bedoeling.

De concurrentie door natuurlijke middelen moet op een afstand gehouden worden!

 

De reguliere geneeskunde schermt wel met het wetenschappelijk bewijs, maar in werkelijkheid wordt er niet zoveel bewezen.

 

Voor het bewijs van de werkzaamheid van een natuurlijk middel zou volstaan kunnen worden met het empirisch bewijs. Dat houdt in het aantonen van de werkzaamheid bij de patiënt in de praktijk.

Bij natuurlijke middelen hoeft niet aangetoond te  worden dat de  werkzaamheid de schadelijke bijwerkingen rechtvaardigt, want er zijn geen schadelijke bijwerkingen.

 

Als men de heiligheid van het wetenschappelijk bewijs ter discussie zou durven stellen en ook het empirisch bewijs zou worden erkend, dan zou een nieuwe koers kunnen worden ingeslagen waardoor de gezondheidszorg een menselijker gezicht zou krijgen en betaalbaar zou worden.

Men zou dit kunnen bewerkstelligen door het creëren van een aparte registratie voor natuurlijke geneesmiddelen, uiteraard met eisen voor veiligheid, werkzaamheid en het overleggen van voldoende empirisch bewijsmateriaal.

 

Eer een chemisch geneesmiddel rijp is voor registratie heeft dat vele miljoenen gekost. Natuurlijk moet die investering worden terugverdiend door grote omzetten te maken en daarvoor worden artsen bewerkt door welbespraakte artsenbezoekers, die hen proberen over te halen om het nieuwe geneesmiddel voor te schrijven. Ze hebben een groot aantal technieken om artsen te bewerken. Een goed voorbeeld zijn de “studie”-reizen die ze aanbieden, wat niets anders zijn dan verkapte vakantiereizen waaraan een lezing over het nieuwe geneesmiddel is gekoppeld.

 

Dat nieuwe geneesmiddel is dikwijls een variant op een bestaand middel van een andere fabrikant. Neem bijvoorbeeld: de cholesterolverlagende medicijnen, die hebben meestal als werkzame stoffen statines of fibraten. Er zijn op het ogenblik wel 40 verschillende middelen op de markt die elkaar qua werkzaamheid niet zoveel ontlopen. Aangezien cholesterol nu eenmaal wereldwijd een grote markt is, zijn er veel fabrikanten die zo’n preparaat op de markt willen brengen, want  een goed verkopend geneesmiddel in een groeimarkt is “big business”. 

Of neem de geneesmiddelen tegen een hoge bloeddruk, ook zo´n enorme winstmarkt.

Bloeddrukverlagende middelen zijn te verdelen in plasmiddelen, bètablokkers  angiotensine II blokkers, ACE-remmers en de weinig gebruikte calciumblokkers en alfablokkers.

In totaal zijn 180 geneesmiddelen op de markt om de bloeddruk te verlagen!

Voor Multiple Sclerose. een ziekte waaraan in Nederland  15.000 mensen lijden, zijn maar 14 geneesmiddelen beschikbaar, bestaande uit aan bijnierschorshormonen gerelateerde middelen en cannabisproducten. MS is niet zoals een te hoog cholesterolgehalte en hoge bloeddruk een grote groeimarkt, dus er zijn niet zoveel fabrikanten geïnteresseerd in deze ziekte. Niet de ernst van een ziekte bepaalt hoeveel geneesmiddelen er beschikbaar zijn, maar de te verwachten omzet van de geneesmiddelenfabrikant.

 

De patenten.

 

Wanneer een nieuw geneesmiddel op de markt wordt toegelaten vraagt de fabrikant daar  een patent op aan. Wanneer hij een patent heeft op een bepaald middel mag dat niet door een andere fabrikant op de markt gebracht worden. Fabrikanten weten deze hindernis te omzeilen door een bijna identiek middel op de markt te brengen.

Patenten worden gegeven voor 20 jaar. Als het patent van een goedlopend middel verloopt, brengt de fabrikant het middel in iets gewijzigde vorm en onder een andere naam weer op de markt. Onlangs gebeurde dit met het ADHD-middel Ritalin dat nu op de markt is onder de naam Concerta. Geen nieuw middel dus, maar een oud middel in een nieuw jasje.

Patent aanvragen kan alleen maar op nieuwe, nog niet bestaande stoffen. Reeds bestaande stoffen kunnen niet gepatenteerd worden. Daarom is het niet mogelijk om patenten aan te vragen op natuurlijke middelen zoals bijvoorbeeld vitaminen. Gevolg daarvan is dat het voor fabrikanten niet interessant is om dure onderzoeken te laten doen naar hun preparaten, als die niet tegen namaak beschermd worden door een patent.

Ook zijn de bedrijven waar natuurlijke geneesmiddelen worden gemaakt van bescheiden omvang, vergeleken met de gigantische miljardenondernemingen in de farmaceutische industrie. Zij kunnen niet die dure en uitgebreide onderzoeken doen die gevraagd worden bij de registratie.

 

Maar als er geen dure en uitgebreide onderzoeken worden overgelegd, komt men niet in aanmerking voor registratie.

Op die manier houdt de farmaceutische industrie de natuurlijke preparaten op een afstand, gesteund door de overheid. In Nederland  regelt het College ter beoordeling van geneesmiddelen de registratie.

Dat is de reden dat geen natuurlijke middelen meer als geneesmiddelen op de markt zijn, niet het feit dat ze niet werkzaam zouden zijn.

Omdat natuurlijke middelen niet de status van geneesmiddel krijgen, worden ze niet voorgeschreven door de reguliere artsen en niet vergoed door de zorgverzekeraars.

De overheid en de farmaceutische industrie bepalen samen dus het geneesmiddelenbeleid in Nederland. Daardoor komt het dat er alleen maar middelen van chemische oorsprong als geneesmiddel op de markt zijn en natuurlijke middelen geen recht krijgen op deze status.

 

 

DE TECHNOLOGIE.

 

Zij gaat een steeds grotere rol spelen in de gezondheidszorg. Elk ziekenhuis heeft voor tientallen miljoenen aan medische apparatuur in huis, in de vorm van scanners, röntgenapparatuur en ook de intensive  care staat vol dure apparaten.

Dure apparaten moeten ook rendabel gemaakt worden. Daarom moeten er zoveel mogelijk patiënten gebruik van maken. Het is toch zonde dat zulke dure apparaten weinig gebruikt worden?

Er gaat steeds meer geld om in de medische technologie en ze krijgt een steeds grotere macht in de geneeskunde. Ziekenhuizen moeten, om mee te kunnen met de nieuwste ontwikkelingen bij andere ziekenhuizen, steeds duurdere apparaten aanschaffen die ook steeds meer gebruikt moeten worden om rendabel te zijn. Zo gaat het aanbod de vraag bepalen.

 

 

DE ARTSEN.

 

Die zijn in meerderheid werkzaam in het reguliere geneeskunde. Ruim 8000 huisartsen en 15.000 medische specialisten.

Zij gebruiken geneesmiddelen van chemische oorsprong, gefabriceerd door de farmaceutische industrie. Zij stellen hun diagnose door gebruik te maken van de hen ten dienste staande onderzoeksmiddelen, zoals bloedonderzoek, scanning en röntgenonderzoek.

Als medicamenteuze behandelingen niet genoeg resultaat opleveren wordt gebruikt gemaakt van de vele vormen van technologie die de geneeskunde tegenwoordig ten dienste staan, zoals dure operaties en dotteren.

 

De huisartsen.

 

Zij vormen een sleutel in het reguliere gezondheidszorgsysteem. Ze gebruiken geneesmiddelen van chemische oorsprong (die zijn immers geregistreerd en worden vergoed door de verzekeraars), ze doen onderzoeken, stellen diagnoses en behandelen lichte klachten. Bij ernstigere klachten of bij onduidelijkheid over de oorzaak wordt doorverwezen naar specialist of ziekenhuis.

 

De huisarts krijgt nu nog een bepaald bedrag per ziekenfondspatiënt, (hoe dat in het nieuwe ziektekostenstelsel geregeld wordt is nog onduidelijk) en verder bestaan zijn inkomsten uit particuliere consulten.

Omdat de ziekenfondsen een bedrag per patiënt betalen, ongeacht het aantal consulten dat gemaakt wordt, is het voor een huisarts aantrekkelijk om door te verwijzen naar de specialist als een patiënt dikwijls aandacht vraagt. Wanneer per 1 januari 2006 de stelselwijziging ziektekostenverzekering ingaat krijgen we misschien andere verhoudingen.

 

Omdat elke Nederlander verplicht is een huisarts te hebben die voor de doorverwijzing naar ziekenhuis, specialist,  fysiotherapeut of anderen zorgt, kun je zeggen dat de huisarts de spil in ons gezondheidszorgsysteem is. 

 

Dat wil niet zeggen dat de huisarts vrij is in zijn doen en laten. Huisartsen zijn gebonden aan afspraken die gemaakt worden in de huisartsenkring van stad, regio of instelling. In zo´n huisartsenkring worden o.a. afspraken gemaakt over de geneesmiddelen die wel en niet kunnen worden voorgeschreven.

 

Ook de ziekenfondsen bemoeien zich met het voorschrijfgedrag van de huisarts. En dan zijn de huisartsen nog gebonden aan talloze regels en voorschriften van het Ministerie van Volksgezondheid.

Zo kan het voorkomen dat de huisarts niet elk geneesmiddel dat de patiënt nodig heeft, kan voorschrijven door de regels waaraan hij gebonden is.

 

De specialisten.

 

Zij zijn, zoals de naam al zegt, gespecialiseerd in een bepaald gebied waarin ziekten kunnen optreden. Een KNO-arts bemoeit zich met alles wat er mis kan gaan met keel, neus en oren en een neuroloog behandelt alle ziekten die met het zenuwstelsel te maken hebben. Zo heeft iedere specialist zijn vakgebied.

 

De specialist wordt meestal per verrichting betaald en is er dus financieel alleen maar bij gebaat om de patiënt zo dikwijls mogelijk te zien. Specialisten huren hun praktijkruimte van ziekenhuizen en maken ook van de faciliteiten van het ziekenhuis gebruik om onderzoeken te laten doen, apparatuur te gebruiken en patiënten onnodig te laten opnemen. Het zijn kleine ondernemers die zeer nauw samenwerken met het ziekenhuis.

Door patiënten te behandelen met “geneesmiddelen” die niet genezen maar  in het  beste geval de achteruitgang vertragen, zijn ze verzekerd van een riant inkomen zonder risico, omdat patiënten heel lang door hen worden behandeld en daardoor afhankelijk van hen zijn.

Een klein aantal specialisten heeft een vast salaris door een dienstverband in de academische ziekenhuizen of de psychiatrische inrichtingen.

  

DE ZIEKENHUIZEN.

 

Die zorgen ervoor dat huisartsen en specialisten bij hen terecht kunnen voor onderzoeken, ingrepen en opnamen. Ze leven in een soort symbiose met de artsen. Zij hebben de artsen nodig om de ziekenhuisbedden gevuld te krijgen en hun dure apparatuur rendabel te houden. De artsen hebben het ziekenhuis nodig om hun patiënten te laten onderzoeken, opnemen en behandelen.      

Ook de ziekenhuizen zijn ondernemingen die winst willen maken en daarom veel patiënten willen hebben. Daarvan zijn ze verzekerd doordat de huisarts of specialist patiënten naar hen doorschuift voor onderzoek, opname en behandeling.

  

DE VERZEKERAARS.

 

Zij zijn door allerlei afspraken aan de gezondheidszorg gekoppeld. Waar een patiënt recht op heeft is vaak tot in detail vastgelegd in wettelijke regelingen. Dit heeft het nadeel dat er weinig ruimte is voor de individuele wensen van de patiënt.

 

Als per 1 januari 2006 het nieuwe zorgstelsel in werking treedt, is de vraag hoe door de zorgverzekeraars zal worden omgegaan met risicopatiënten. Bepaalde patiënten zijn voor de verzekeraar onaantrekkelijk omdat ze dikwijls een beroep doen op de zorg. Juist de oudere en chronische patiënten zijn voor de verzekeraars niet interessant.

In het nieuwe stelsel is  een verzekeringsplicht voor alle burgers en een acceptatieplicht voor de verzekeraars opgenomen. Door de toegang tot de zorg wettelijk te regelen, is iedereen verzekerd op voorwaarden die aan de wet voldoen.

Op basis van de in te schatten risico’s wordt een systeem ontwikkeld om subsidie te verstrekken voor de “slechte” risico’s.

Het is de bedoeling dat voor alle verzekerden dezelfde premie gaat gelden voor hetzelfde product en er is geen verschil in zorgaanspraken. Een soort basispakket dus. Er valt op die manier voor de patiënt niet veel meer te kiezen.

In de praktijk zal het er op neer komen dat de verzekeraars steeds meer bevoegdheden krijgen en de patiënten steeds verder buitenspel komen te staan in het samenspel tussen de overheid en de verzekeraars. De echte knelpunten in de zorg worden hierdoor alleen maar verschoven.  

  

DE ALTERNATIEVE GENEESWIJZEN.

 

Naast het reguliere gezondheidszorgsysteem bestaan er ook nog ongeveer 1500 artsen (dat is 6% van het totaal aantal artsen) die gekozen hebben voor een behandeling met natuurlijke middelen.

 

Als wij in dit artikel over natuurartsen spreken, bedoelen we daarmee homeopaten, orthomoleculaire artsen, natuurartsen, enzymartsen en natuurlijk zijn er veel artsen met meerdere disciplines.  Het zijn over het algemeen gewetensvolle artsen die op een andere wijze tewerk gaan dan de reguliere artsen.

Zij stellen zich niet tevreden met alleen maar de diagnose te stellen en te behandelen met chemische middelen, maar zij proberen te achterhalen wat de oorzaak van de kwaal is door een grondige anamnese. Zij behandelen met natuurlijke preparaten.

 

Het zijn dus vrije ondernemers die niet in het reguliere systeem zijn opgenomen. Zij behandelen vrijwel alleen patiënten met chronische ziekten. Dikwijls krijgen zij patiënten te behandelen die geen baat vonden bij de reguliere geneeskunde. Dat zij dan nog goede resultaten behalen, mag pleiten voor hun kennis van zaken.

Zouden ze geen goede resultaten behalen dan zouden ze toch geen goedlopende praktijken kunnen opbouwen? 

Een vrij nieuw verschijnsel zijn therapeuten opgeleid aan een der scholen voor natuurgeneeswijzen. Ze hebben een BIG registratie en mogen ook patiënten behandelen. Over het algemeen behandelen ze lichtere klachten dan de natuurartsen.

De vele ongeregistreerde therapeuten in het alternatieve circuit zullen we in deze analyse buiten beschouwing laten.

Hoe komen al die  natuurartsen  aan hun patiënten als de reguliere geneeskunde niet naar hen doorverwijst en ze geen reclame mogen maken voor hun praktijk?

Dat kan alleen maar door de mondreclame zijn.  Wij nemen aan dat patiënten die goede resultaten hebben, dat doorgeven aan anderen. Wij kunnen ons niet voorstellen dat men een alternatieve arts waarbij men geen goede resultaten heeft, gaat aanbevelen.

Wij weigeren ook te geloven dat patiënten blijven betalen voor een behandeling die hun gezondheid niet verbetert en wij kunnen ons niet voorstellen dat 1500 natuurartsen een praktijk kunnen opbouwen als ze geen goede resultaten zouden hebben.

Als we er vanuit gaan dat een natuurarts 200 patiënten in zijn praktijk heeft, wat ons niet te hoog geschat lijkt, dan zouden jaarlijks 300.000, over het algemeen chronische patiënten, de weg naar de natuurarts hebben gevonden. Dat is ongeveer 10% van het totale aantal chronische patiënten.

 

Er loopt dus naast de reguliere geneeskunde nog een tweede gezondheidszorgsysteem wat patiënten kiezen als ze geen baat vinden bij de reguliere geneeskunde.

 

Volgens dokter Paul van Dijk, schrijver van het boek Geneeswijzen in Nederland, dat inmiddels aan de negende druk toe is, zijn op het ogenblik 2 miljoen Nederlanders bezig met een of andere alternatieve geneeswijze.

Op die getallen moeten wij ons niet blindstaren. Dikwijls gaat het om relatief kleine klachten die bijvoorbeeld met homeopathie behandeld worden, of om de behandeling door magnetiseurs bij pijnklachten. Ook voor kinderen gaat men dikwijls naar een natuurarts of therapeut. Toch is er in de afgelopen 30 jaar een duidelijke trend ontstaan om te kiezen voor een natuurlijke behandeling.

Waarom zoeken zoveel patiënten tegenwoordig hun heil bij de alternatieve geneeswijzen of beter gezegd bij de natuurlijke geneeswijzen?

Waarom zouden ze geld uitgeven aan een natuurlijke behandeling als ze goed geholpen waren in de reguliere geneeskunde?

Klaarblijkelijk zijn ze ontevreden over de reguliere gezondheidszorg en op zoek naar andere oplossingen voor hun gezondheidsproblemen, deels omdat ze onvoldoende baat vonden bij de reguliere geneeskunde en deels omdat ze bang zijn voor de schadelijke bijwerkingen van chemische geneesmiddelen.

 

Eigenlijk heel vreemd dat men alle moeite doet om  mensen bewust te maken van het gevaar van schadelijke chemische stoffen in het milieu, terwijl men bij de dokter alleen maar wordt behandeld met chemische middelen. De veiligheid van een behandeling met natuurlijke middelen spreekt veel mensen aan.

Waarom staat niemand stil bij het feit dat de chemische geneesmiddelen die patiënten slikken, uiteindelijk weer in het milieu terecht komen? Als 3 miljoen patiënten gemiddeld per dag 3 pillen slikken (dat is laag geschat) dan gaat het om ruim 3 miljard pillen per jaar. Na de reactie verlaten de restanten van de chemische middelen het lichaam weer en komen in het milieu terecht. Niemand heeft het daarover.

 

Het feit dat steeds meer mensen kiezen voor een behandeling met natuurlijke middelen is een ontwikkeling die wordt doodgezwegen door de reguliere geneeskunde en door de media.

 

Als een patiënt bij een arts informeert naar een natuurlijke behandeling wordt hem dat uit het hoofd gepraat. Er wordt dikwijls geringschattend over gedaan, het middel wordt belachelijk gemaakt en tegen de patiënt wordt gezegd dat het zonde van zijn geld is.

 

Waarom lees je eigenlijk bijna nooit  iets positiefs over natuurlijke geneeswijzen  in de  kranten en zie je niets goeds op de TV als het om natuurlijke geneeswijzen gaat? Maar als er iets verkeerd gaat dan wordt dat op alle TV zenders en in alle kranten breed uitgemeten.

 

De Vereniging tegen de Kwakzalverij is er dan als de kippen bij om alle registers open te trekken en alle media te benaderen over het onheil dat wordt aangericht door de natuurlijke geneeswijzen.

Omdat slecht nieuws nu eenmaal goede nieuws is voor de media,

spelen die daar gretig op in.

Maar als er in de reguliere geneeskunde fouten worden gemaakt, loopt dat af met een berisping door het Medisch Tuchtcollege en er worden geen TV-uitzendingen aan gewijd.

Het publiek krijgt zo een totaal vertekend beeld van natuurlijke geneeswijzen.

 

De Vereniging tegen de kwakzalverij kun je zien als de fundamentalisten van de reguliere geneeskunde en zoals dat altijd met fundamentalisten gaat, ze hebben alleen maar zwart-wit standpunten. Ze zijn niet vatbaar voor welk zinnig argument dan ook. Ze huldigen nog steeds dezelfde standpunten als bij hun oprichting  125 jaar geleden, alles wat niet regulier is, moet beschouwd worden als kwakzalverij en te vuur en te zwaard worden bestreden.

Ze zijn er trots op dat ze met 1250 leden de grootste anti-kwak-zalversvereniging ter wereld zijn, wel twee keer zo groot als de Amerikaanse vereniging!

Dat er in de laatste 100 jaar en vooral de laatste 25 jaar  veel veranderd is in de gezondheidszorg en bij de patiënten, is hen blijkbaar ontgaan.

Ze zijn zo radicaal in hun uitspraken dat ze beledigingen uiten aan het adres van natuurartsen, waardoor ze soms met procedures te maken krijgen.

Artsen die zich met natuurlijke therapieën bezighouden worden door hen beschouwd als afvalligen en verraders van het reguliere systeem.  Ze beschermen op een fanatieke manier de belangen van de reguliere geneeskunde, branchebescherming zou je het kunnen noemen.

 

Er is dus een scherpe kloof ontstaan tussen reguliere en natuurlijke geneeswijzen.

De reguliere geneeskunde ziet de natuurartsen en genezers als concurrenten die “hun” patiënten wegkapen, maar wat er in feite gebeurt is dat de alternatieve artsen de patiënten behandelen die de reguliere geneeskunde niet kon helpen.

 

 

VERZWEGEN MEDICIJNEN.

 

Niet alleen worden goede natuurlijke geneeswijzen door de media verzwegen,ook goede natuurlijke  geneesmiddelen worden bewust verzwegen, zowel door de artsen als door de overheid.

 

Het bekendste voorbeeld is Vasolastine.

 

Dit geneesmiddel, dat een breed werkingsgebied heeft, namelijk de doorbloeding van alle weefsels en de vetstofwisseling van de lever, kan ingezet worden bij een groot aantal klachten die het gevolg zijn van een slechte doorbloeding of een te hoog cholesterolgehalte,  hart- en vaatziekten dus. 

Om Vasolastine is in het verleden veel te doen geweest. De Nederlandse biochemicus van Leeuwen ontwikkelde het geneesmiddel in de vijftiger jaren van de vorige eeuw, 50 jaar geleden dus. Na een tijd van experimentele toepassing op kleine schaal, ging men Vasolastine steeds meer gebruiken.

 

Toen volgde in 1979 het verbod van Vasolastine. Een geneesmiddel dat in de praktijk prachtige resultaten gaf en zonder schadelijke bijwerkingen, dreigde dus van de Nederlandse markt te verdwijnen!

De Patiëntenvereniging Enzymtherapie, gesteund door een groot aantal patiënten voerde met succes actie tegen het verbod. Voor Vasolastine werd in 1980 een Algemene Maatregel van Bestuur afgekondigd, waardoor Vasolastine als geneesmiddel op de markt kon blijven voor 10 jaar.

In 1990 probeerde men weer tot een verbod te komen, en weer waren het de patiënten en de Tweede Kamer die er voor zorgden dat Vasolastine op de markt kon blijven en nog steeds wordt vergoed door de zorgverzekeraars..

 

Sindsdien wordt Vasolastine door de reguliere geneeskunde doodgezwegen. En toch is Vasolastine een onovertroffen geneesmiddel voor alle ziekten die een gevolg zijn van een slechte doorbloeding.

Bij vaatvernauwing in de benen zijn er 90% goede resultaten. Operaties, amputaties en prothesen zijn bijna nooit nodig. Toch gaat men gewoon door met de reguliere behandeling van vaatvernauwing in de benen. Medicijnen, opereren en daarna amputeren.

Begrijpt u wat er zou gebeuren als men op grote schaal Vasolastine ging gebruiken? Juist, mensen zouden gewoon genezen en geen bron van inkomsten meer zijn voor allen die werken in deze branche.

Zo is het ook met hartklachten. Als men Vasolastine gebruikt kan 80% van de hartinfarcten worden voorkomen! Maar hoe moet het dan met de hartchirurgen en de dure apparatuur en de ziekenhuisbedden die leeg komen te staan? En de farmaceutische industrie heeft er alleen maar belang bij een zware concurrent af te schudden, want Vasolastine kan medicijnen tegen hartklachten, hoge bloeddruk en een hoog cholesterolgehalte overbodig maken. Een paar honderd medicijnen zouden niet meer nodig zijn!

 

Men kan hart- en vaatziekten, doodsoorzaak nummer 1, dus gewoon genezen!

Dat men dat niet doet heeft alleen maar commerciële oorzaken. Farmaceutische industrie, specialisten en ziekenhuizen willen hun grote inkomsten die uit hart- en vaatziekten voortvloeien, niet missen.

DAAROM ZWIJGT IEDEREEN VASOLASTINE DOOD !

 

Het doodzwijgen van natuurlijke geneesmiddelen gebeurt wereldwijd en altijd blijkt weer dat de farmaceutische industrie er mee te maken heeft.    

In Amerika is de FDA zeer actief als het om waarschuwen tegen natuurlijke middelen gaat. Op het gebied van kanker, ook zo’n ziekte waar miljarden aan wordt verdiend, zijn natuurlijke middelen ontwikkeld die hevige tegenwerking ondervonden hebben en uitein-delijk zelfs verboden werden.

Bekend is de kwestie Leatrile of Amygdaline. Een middel dat wordt gemaakt uit pitten van verschillende vruchten. Het product bevat vitamine B17, een stof die in de moderne voeding bijna niet meer voorkomt. Leatrile werd door de FDA verboden.

In de zeventiger jaren van de vorige eeuw ontwikkelde dokter Burzynski de antineoplaston therapie tegen kanker. De behandeling bestaat uit een middel dat per infuus wordt toegediend en dat geen schadelijke bijwerkingen heeft. Er werden opmerkelijke resultaten mee behaald.

In de negentiger jaren werd ook dokter Burzynski hevig dwars gezeten, zwart gemaakt en voor het gerecht gedaagd. Honderden dankbare patiënten steunden hem en demonstreerden voor de rechtbank.   

Wij zijn benieuwd of we nog ooit iets zullen horen van deze kankertherapie zonder schadelijke bijwerkingen.

Ook voor een groot aantal andere ziekten zijn goede natuurlijke middelen beschikbaar.

Bij ADHD geeft het natuurlijk middel Cerebrase goede resultaten, een vervanger dus voor Ritalin of Concerta.

Er bestaat ook een natuurlijk hormoonpreparaat zonder schadelijke bijwerkingen, DHEA dat Prednison kan vervangen.

Voor slaapproblemen is er Melatonine, een natuurlijk middel zonder schadelijke bijwerkingen, dat de traditionele slaapmiddelen overbodig maakt.

Zo zijn er nog een groot aantal natuurlijke middelen die goede resultaten geven bij chronische ziekten en die allemaal als kwakzalverij worden afgedaan.

  

DE PATIËNTEN.

 

Bij elke ziekte of klacht komt de patiënt in eerste instantie bij de huisarts terecht. Die stelt zelf een behandeling in of verwijst door naar een specialist.

De reguliere gezondheidszorg kan heel veel, vooral als om snelle interventie gaat bij ernstige klachten. Er kan dan levensreddend worden opgetreden. Ook in het doen van operaties is in de reguliere geneeskunde een grote kundigheid opgebouwd. Er is ongelooflijk veel mogelijk tegenwoordig.

Het echte probleem ligt echter bij de chronische ziekten. Waarom worden door de reguliere gezondheidszorg eigenlijk zo weinig chronische patiënten genezen?

Kent u mensen die bij de reguliere geneeskunde genezen van  hart- en vaatziekten, suikerziekte, astma of diabetes? In het beste geval gaat de patiënt langzaam achteruit, dikwijls ook snel. En iedereen vindt dit normaal!

Het is begrijpelijk dat chronische patiënten niet genezen bij de reguliere geneeskunde, want de chemische geneesmiddelen waarmee gewerkt wordt, zijn nu eenmaal niet gemaakt om chronische ziekten te genezen, maar om verschijnselen te onderdrukken.

 

Geneesmiddelen van chemische oorsprong zijn eigenlijk niet geschikt om langere tijd te gebruiken, want ze hebben (dikwijls forse) bijwerkingen. Maar geen nood, dan geef je voor die bijwerkingen weer een ander chemisch middel, ook weer met bijwerkingen en eer je er erg in hebt slik je een handvol pillen per dag (omzet voor de farmaceutische industrie).

En dan kun je alleen nog maar de symptomen bestrijden, want echt genezen kun je niet met chemische geneesmiddelen. En die bijwerkingen kunnen heel fors zijn. Jaarlijks worden duizenden patiënten in ziekenhuizen opgenomen wegens bijwerkingen van geneesmiddelen.

Men blijft dus patiënten behandelen zonder ze te genezen. Dat is een van de belangrijkste  oorzaken van de steeds maar stijgende kosten van de gezondheidszorg, want er zijn heel veel chronische patiënten en het worden er steeds meer.

 

Ruw geschat zijn er in Nederland 800.000 hart- en vaatpatiënten, 750.000 diabetespatiënten, 500.000 mensen met botontkalking 500.000 carapatiënten en 1 miljoen mensen heeft last van artritis en artrose. Tellen wij daarbij op de minder vaak voorkomende chronische ziekten, dan komen we aan 3 miljoen chronische patiënten die vele jaren lang, tot hun dood toe, worden behandeld.

 

Is gezondheidszorg eigenlijk wel de goede naam voor zo’n systeem? Zou men niet beter kunnen spreken van ziektebehandeling als men het heeft over een systeem waarin de patiënt  eindeloos wordt behandeld met chemische middelen en ingewikkelde apparatuur, terwijl hij met al deze dure behandelingen op zijn best stabiel blijft of langzaam achteruit gaat? Terug gezond worden is voor de chronische patiënt in dit systeem een illusie.

 

Is geneesmiddel niet een te mooie naam voor middelen waarmee je niet geneest, maar steeds maar behandeld wordt, jarenlang?

 

 

NATUURLIJKE GENEESWIJZEN.

 

Bij chronische ziekten kan dikwijls met natuurlijke geneeswijzen. een flinke verbetering worden bereikt, al wordt dat systematisch ontkend door de reguliere geneeskunde. Er zijn in Nederland enkele duizenden natuurartsen en natuurtherapeuten werkzaam. Als ze geen goede resultaten zouden boeken, zouden ze toch al lang werkloos geworden zijn? 

We kunnen gerust aannemen dat veel patiënten goede resultaten hebben met natuurlijke middelen.

 

Doordat de behandeling met natuurlijke middelen door een natuurwaarde voor eigen rekening komt, zijn het de draagkrachtige patiënten die deze extra mogelijkheid om de gezondheid te verbeteren, hebben.

Uit onderzoeken blijkt dat hoger opgeleiden een betere gezondheid hebben. Dat zou wel eens kunnen komen doordat ze zich natuurlijke geneeswijzen kunnen veroorloven. 

 

De patiënten hebben dus geen echte keuze als het om behandeling van hun klachten gaat. Zij worden met verschillende middelen vastgehouden in het reguliere systeem. Door de afkeurende houding van veel reguliere artsen, als het om natuurlijke geneeswijzen gaat, durven de meeste patiënten er niet over te praten met hun arts.

Ook door de financiële consequenties is het voor veel patiënten niet mogelijk om de overstap te maken.

Artsen vinden het vanzelfsprekend dat geneeskunde alleen maar reguliere geneeskunde is. Natuurlijke geneeswijzen zijn een duister gebied waar niet over gepraat wordt. Wanneer de reguliere geneeskunde geen baat brengt, wordt dikwijls zonder medeweten van de huisarts of specialist een alternatief gezocht. Patiënten verdwijnen dan geruisloos uit het reguliere systeem, of blijven wel de specialist bezoeken en gooien de voorgeschreven medicijnen in de vuilnisbak.

Het is een groot onrecht dat chronische patiënten die een natuurlijke geneeswijze kiezen, twee keer moeten betalen. Zij betalen mee aan ons peperdure reguliere systeem waar zij onvoldoende baat bij vinden  en wanneer zij noodgedwongen overstappen naar een natuurlijke behandeling, moeten zij die ook uit eigen zak betalen.

 

De overheid zou recht kunnen doen aan de patiënt door de mogelijkheid te scheppen om een natuurlijke behandeling die resultaten oplevert, voor vergoeding in aanmerking te laten komen. Nu bestaat de onrechtvaardige situatie dat de reguliere behandeling die geen resultaat geeft wel vergoed wordt en de natuurlijke behandeling waar men baat bij vindt niet.

 

De enige goede manier om werkelijk kosten te besparen in de gezondheidszorg is verbeteren van de gezondheid. Wanneer dat niet op reguliere manier kan, moet er de mogelijkheid zijn om een natuurlijke geneeswijze te kiezen om zo te proberen de gezondheid te verbeteren.

  

PREVENTIE MET NATUURLIJKE MIDDELEN.

 

Nu nog vinden mensen het normaal dat je van alles gaat mankeren als je ouder wordt en dat daar niets aan te doen is.

Het is echter heel goed mogelijk om een aantal gezondheidsproblemen  te voorkomen door tijdig te beginnen met het innemen van natuurlijke middelen. Preventief werken  met natuurlijke middelen dus, in plaats van achter de feiten aan te lopen en te wachten tot iemand ziek wordt, waarna hij behandeld wordt met chemische middelen, levenslang.

 

PREVENTIEF WERKEN, NIET ZIEK WORDEN, OF HET BEGIN VAN DE ZIEKTE ZOLANG MOGELIJK UITSTELLEN, IS DE BESTE MANIER OM KOSTEN TE BESPAREN IN DE GEZONDHEIDSZORG.

 

Hiervoor is op het ogenblik nog nauwelijks aandacht. Het zou goed zijn dat mensen geleerd wordt hoe men met eenvoudige, onschadelijke middelen en relatief weinig geld, langere tijd gezond kan blijven.

Bij de natuurgeneeswijzen is veel kennis op dit gebied. Het zou goed zijn om van deze kennis te profiteren.

 

Willen we er voor zorgen dat we in de toekomst nog kunnen beschikken over een betaalbaar en hanteerbaar gezondheidszorgsysteem, dan zal op korte termijn het roer om moeten.

 

Om dat te bereiken zijn een aantal veranderingen in opvattingen en aanpak nodig:

 

 

 

 

 

 

Onze websites: www.enzymtherapie.nl en www.enzymtherapie.info.

 

HOME